Geachte lezers,
Dit is de geschiedenis van onze Vrijwillige
Brandweer Andijk.
Het begon
allemaal in 1945. Toen werd het pas allemaal echt. Hoezo echt, zult U vragen.
Was er voor 1945 dan nooit brand? Nou en of! Lang geleden woedde er brand in
een smederij die in de dijk was ingebouwd, en door kruiend ijs in elkaar werd
gedrukt. Ook de bakkerij van Visser, de winkel van Reinsma, de garage van
Bloemendaal en het bedrijf van Schenk brandden af, om er maar enkele te
noemen. Maar voor 1945 hadden we
hier geen echte brandweer. Andijk moest het doen met 3 "spuithuissies", die op
Andijk West, midden en Oost waren geplaatst. In die huisjes stonden de
"Blusvoertuigen" regelrechte nakomelingen van de pomp van Jan v.d. Heyden, U
weet wel, die. uitvinder van de brandweerpomp uit 1600, die altijd placht te
zeggen: "Brand is een vurig verschijnsel op ene plaats, waar het ende niet
hoort." Met deze "blusvoertuigen" trokken onze voorvaderen ten strijde tegen
de rooie haan. Elke plattelandsgemeente deed het zo, dus ook Andijk. Auto's
waren toen nog zeldzaam en zeker brandweerauto's. En trouwens, hoe kwam je aan
zo'n ding? Kopen, zult U zeggen, maar er was niets te koop. Alles was op,
kapot of weg. Dat is nu niet meer voor te stellen, maar toen in 1945 was het
gewoon zo. Onze Oosterburen konden alles gebruiken in de oorlog en vooral
brandweerwagens hadden ze nodig.
|
|
Boven v.l.n.r. C. Ploegman, J.v. Dokkum, N.B. Prins, P. de Kroon,
chauffeur Brandsma.
Onder v.l.n.r. C. Vlaar, C. Vriend, D. Sietses, D. Lub, J. Schotsman, K.
Schenk,
C. Griffioen, S. Hoekstra, G. Scholtens o.cdt., S. Klopper Cdt., L.
Immerzeel o.cdt.
Gelukkig hadden de Engelsen nog wat Blitz pompen. Die hadden
met het oog op zware bombardementen op hun grote fabriekssteden honderden
kleine blusvoertuigen vervaardigd, en nu de oorlog voorbij was hadden ze die
over. Het waren een soort Landrovers met een aanhangpomp er achter. En één
zo'n pomp belandde op Andijk. Het kostte wel wat moeite, maar hij kwam. De
bemanning, dat was veel eenvoudiger, dat waren vrijwilligers en dat kostte
bijna niks. Een hoeveelheid niet al te waterdichte uniformen, helmen van het
voormalige Nederlandse leger met een spatlap, een "zooije leerzen", en
ziedaar, daar stonden Uw eerste echte vrijwillige brandweerlieden, onder
leiding van de allereerste commandant, de heer L. Buter, "uitrukgereed". Nou
ja, uitrukgereed, er haperde nogal eens wat aan. Het starten van de pomp nam
bijvoorbeeld "efkes toid", want er moest nogal flink geslingerd worden, ja, ze
bleven af en toe zelfs slingeren. En ja, al slingerend je werk doen, vooral
als er brand is, dat valt niet mee. De burgemeester had ook al es gevraagd
of het niet wat gauwer kon. Ja, de spuitgasten wilden wel, maar de pomp niet.
Nou ja, zult U zeggen, dan zet je er toch een nieuw onderdeel in, maar beste
lezer, daar was niet aan te komen, er werden geen nieuwe Blitz spuiten meer
gemaakt. Maar na verloop van tijd was er alweer hoop, want ook in Nederland
kwam de produktie van brandweermateriaal op gang. In Hedel stond zo'n fabriek
en omdat de Blitz pomp in alle talen zweeg, besloot de gemeenteraad dat dit zo
niet langer kon en er wat anders moest komen. Zo omstreeks de jaren '50
waren de plannen rond, er zou nu toch een echte brandweerwagen komen. Eentje
die mooi rood was, met sirene, een ladder, enkele fikse meters slang, kortom
met alles "er op en er an". Onze roemruchte voorgangers "konne er haast niet
van sleipe". Helemaal nieuw was ie trouwens niet. Het chassis was van een
Chevrolet legerwagen. De Magirus en Mereedesfabrieken lagen nog plat, maar men
was vindingrijk in die tijd. Op het Chevroletchassis werd een nieuwe
brandweeropbouw geplaatst. Wilt U de prijs nog weten? Het chassis moest 6 tot
8000 gulden kosten en de opbouw 12 tot 14000 gulden. Alles met elkaar toch
zo'n f 20.000,-. Het zal wel even stil geweest zijn in de raadszaal, want over
zo'n bedrag moest je niet licht denken. Toch zette de gemeenteraad door en
besloot tot aanschaf over te gaan. En op een goeie dag stond ie er dan, de
nieuwe, zo rood als de brandweer, de pomp voorop, alles verchroomd met hendels
en knoppen en meters. De bemanning was verrukt. Ze liepen er omheen en klommen
er op, zaten overal aan om te kijken hoe het werkte. Onder de linker koplamp
zat een echte sirene, zo'n ouderwetse janker. In één woord, het was een
pracht. En hiermee begon eigenlijk de echte geschiedenis van Uw vrijwillige
brandweer.
Interesse om meer te lezen? Lees
hier het
complete boekje over de geschiedenis van de Andijker Brandweer.
|